Sectorplan Bèta en Techniek

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen heeft in 2018 de Sectorplancommissie Bèta en Techniek ingesteld. De commissie staat onder leiding van prof. dr. ir. Hans van Duijn.

Inleiding

In het regeerakkoord van 2018 stelde het kabinet jaarlijks 60 miljoen euro beschikbaar voor het universitair onderzoek en onderwijs in de bèta- en technische wetenschappen (sectorplan Bèta en Techniek). Hier kwam in 2022 een tweede impuls van 90 miljoen euro bij (sectorplan Bèta en Techniek II).

De sectorplannen zorgen voor een versterking van het fundament van onderzoek en onderwijs in deze sectoren, onder andere door het aantrekken van nieuw wetenschapstalent. Hiermee creëren ze rust en ruimte bij de universiteiten. Daarnaast stimuleren de sectorplannen samenwerking en gezamenlijke scherpe keuzes tussen en binnen de instellingen. Met deze impulsen kunnen de sectoren een belangrijke stap voorwaarts maken.

Aanleiding

In de afgelopen 20 jaar is de belangstelling voor bèta- en techniekstudies sterk toegenomen, zonder een navenante stijging van de rijksbijdrage aan de universiteiten. Hierdoor is de ontwikkeling van de wetenschappelijke staf achtergebleven, net als de aandacht voor technisch en natuurwetenschappelijk onderzoek. Lees verder

Om de verdere achteruitgang te keren heeft het ministerie van OCW in de periode 2009-2016 een sectorplan ingesteld voor twee kerndisciplines uit het bètadomein, de natuur- en scheikunde. Het succes van de implementatie van dit sectorplan van de commissie Breimer was voor kabinet Rutte III de aanzet voor een breder sectorplan Bèta en Techniek (2018-2024). In 2021 heeft kabinet Rutte IV in het coalitieakkoord ‘Omzien naar elkaar’ via sectorplannen 200 miljoen euro structureel geïnvesteerd in wetenschappelijk onderwijs en onderzoek. Daarvan is 90 miljoen euro ingezet voor het sectorplan Bèta en Techniek II (2022-2028).

Sectorplan Bèta en Techniek (2018-2024)

In 2018 heeft het ministerie van OCW de opdracht gegeven voor een sectorplan voor de bètadisciplines wiskunde, informatica, natuurkunde en scheikunde en voor de techniekdisciplines werktuigbouwkunde, civiele techniek en elektrotechniek. Prof. dr. Bert Meijer werd aangesteld als kwartiermaker om met de universiteiten twee afzonderlijke sectorbeelden voor bèta en techniek op te stellen. De sectorbeelden beschrijven de stand van zaken per discipline en de benodigde inzet om de basis te versterken. Lees verder

De sectorbeelden zijn, op basis van positief advies van de sectorplancommissie Bèta en Techniek, door de minister goedgekeurd. Vervolgens hebben de universiteiten in opdracht van de sectorplancommissie de beelden vertaald naar universitaire profileringsplannen. Hierin stonden gedetailleerde plannen voor de inzet van de sectorplanmiddelen. De profileringsplannen zijn door de sectorplancommissie Bèta en Techniek beoordeeld en de commissie heeft de minister geadviseerd over de verdeling van de middelen over de universiteiten en disciplines. De minister heeft vervolgens de sectorplanmiddelen toegekend.

De sectorplancommissie heeft daarnaast als opdracht van de minister gekregen om de implementatie van het sectorplan te monitoren en als critical friend van de universiteiten op te treden. De commissie heeft in 2022 een tussentijdse evaluatie uitgevoerd en haar evaluatierapport aan de minister aangeboden. Daarin adviseerde de commissie om de financiering van het sectorplan te continueren in de bestaande omvang en verdeling over universiteiten en disciplines, en om additioneel NWO budget beschikbaar te stellen voor apparatuur en tijdelijke onderzoekers in de focusgebieden. Lees hier het rapport.

In 2025 heeft de commissie haar eindevaluatie afgerond en het eindrapport aan de minister aangeboden. De commissie concludeert dat de implementatie van het sectorplan succesvol is verlopen. Er zijn veel nieuwe posities gecreëerd en de nationale samenwerking en afstemming tussen disciplines en universiteiten is duidelijk verbeterd. Met de instroom van veel (internationaal) talent en de aanstelling van veel vrouwelijke wetenschappers ziet de commissie het begin van een cultuuromslag bij de universiteiten. De commissie adviseert de minister om de sectorplanmiddelen volgens de bestaande verdeling in te laten dalen in de universitaire rijksbijdragen, en om verdere landelijke afstemming en samenwerking te blijven stimuleren. Ook adviseert de commissie om het instrument sectorplannen te behouden voor toekomstige investeringen in onderzoek en onderwijs. Daarnaast geeft de commissie een aantal aandachtspunten voor universiteiten op gebied van loopbaanbeleid, samenwerken en cultuurverandering. Lees hier het rapport.

Sectorplan Bèta en Techniek II (2022-2028)

In 2022 heeft het ministerie van OCW de Nationale Commissie Sectorplannen (NCSP) ingesteld onder leiding van prof. dr. Bert Meijer en prof. dr. mr. Mark Bovens. De commissie heeft geadviseerd over de aanvullende inzet van 200 miljoen euro in wetenschappelijk onderwijs en onderzoek. Deze middelen zijn bestemd voor de uitvoering van de sectorplannen in alle vier de wetenschapsdomeinen: sociale en geesteswetenschappen, bèta-, technische en medische wetenschappen. Op basis van het positieve NCSP-advies over de sectorplannen heeft de minister in maart 2023 sectorplanmiddelen beschikbaar gesteld. Voor Bèta en Techniek II betekent dit een aanvullende impuls van 90 miljoen euro per jaar.

Het sectorplan Bèta en Techniek II hebben de volgende doelen meegekregen. 
1. Het stimuleren van samenwerking en gezamenlijke scherpe keuzes tussen en binnen universiteiten over taakverdeling en profilering (onderwijs en onderzoek);
2. Rust en ruimte: het versterken van de basis van onderwijs en onderzoek.

In het sectorplan Bèta II – gecoördineerd door de bètadecanen – staan de prioriteiten beschreven voor de aard- en milieuwetenschappen (AMW), astronomie, biologie, farmaceutische wetenschappen en informatica. De aardwetenschappen en milieuwetenschappen hebben zich verenigd in het AMW-platform en er is een nieuwe Raad voor de Biologie. De farmaceutische wetenschappen hebben zich verenigd binnen de academische tak van het al bestaande Federation for Innovative Drug Research Netherlands (FIGON). De Nederlandse Onderzoeksschool voor Astronomie (NOVA) zet zich in het nieuwe sectorplan sterk in voor de astronomie-samenwerking.

De technische ingenieursopleidingen zijn samengekomen in het landelijk techniekdecanenoverleg. De techniekdecanen hebben in 2022 het sectorplan Techniek II opgeleverd, waarbij per discipline prioriteiten zijn benoemd. Deze prioriteiten dragen bij aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken en het versterken van het technisch wetenschappelijk onderzoek en onderwijs. Het sectorplan zet in op het versterken van de construerende technische wetenschappen (CTW) en de ontwerpende ingenieurswetenschappen (OIW). Prioriteiten zijn benoemd voor de CTW-disciplines: agrotechnologie & voedingswetenschappen, biomedische technologie, civiele techniek, elektrotechniek, lucht- & ruimtevaarttechniek, technische informatica en werktuigbouwkunde (incl. materiaalkunde en maritieme techniek). Eveneens zijn prioriteiten benoemt in de OIW-disciplines: industrieel ontwerpen, ontwerp van de gebouwde omgeving en technische bedrijfs- en bestuurskunde. Lees verder op de website van de Nationale Commissie Sectorplannen.